

Een filmisch tweeluik toont een jonge vrouw in een besneeuwd nachtlandschap onder teal-kleurig noorderlicht. In het bovenste beeld staat haar gezicht dichtbij in beeld, met een directe maar afwezige blik, een zwarte pufferjas en een dikke gebreide blauwgroene sjaal. In het onderste beeld staat ze tussen wazige dennen met een transparante paraplu met lichtgevende rand en heft ze haar hand om sneeuwvlokken op te vangen.